Tegenzetten na verlies en verdriet

In het programma De Verwondering vertelt theoloog Alex van Ligten hoe je als mens kunt omgaan met tegenslag. Zelf verloor hij zijn zoon aan suïcide. Hij zegt onder andere:
‘Je moet je moed bijeenrapen en een oerkracht vinden om de gewone dingen te blijven doen.’
Als voorbeeld leest hij het gedicht In de trein van Simon Carmiggelt voor.
In de trein – tegenzetten
In dit gedicht denkt Simon Carmiggelt aan zijn oudere broer Jan, die gestorven is in Kamp Vught, als de trein Vught passeert.
Voor moeder kwam een eind aan haar pakketten.
Zij streed, zolang Jan zat, met eigen wapen,
stond aan ’t fornuis haar moed bijeen te rapen,
zond zeven broden, zeven tegenzetten.
Mijn tegenzetten na Lucy’s overlijden
Wat ik zo mooi vind aan wat Alex van Ligten zegt, is dat hij het heeft over ‘gewóne dingen’ blijven doen. Dus niet heel bijzondere dingen zoals een wereldreis maken, een marathon lopen of een stichting beginnen, maar gewone, alledaagse handelingen. Ik herinner me hoe ik mij na Lucy’s uitvaart afvroeg: ‘Hoe nu verder?’ Ik had werkelijk geen idee. Dat ontredderde gevoel herken ik in deze woorden van Alex:
‘Toen hij begraven was, toen zat ik in een lege kamer. Hij was bij mij opgebaard in huis. En de kamer was leeg en alles was weer ‘gewoon’. En toen wist ik niet wat ik moest gaan doen. Toen ben ik maar gaan doen wat ik het liefste deed, vertalen.’
Eén van de dingen die ik maar ging doen was mijn dagelijkse hardlooprondje. Ik meen dat nu te herkennen als iets wat Alex een ’tegenzet’ noemt. Een ander voorbeeld van een tegenzet was vasthouden aan mijn dagelijkse routines om de dag vorm te geven. Zoals om drie uur fruit eten en daarna de was vouwen. En wat voor Alex van Ligten vertalen is, is voor mij bloggen.
Soms is mijn tegenzet niet meer dan: op tijd mijn bed opmaken, een kaarsje aansteken voor Lucy, of gaan lunchen met één van mijn andere, levende kinderen — kleine dingen die niets oplossen, maar me verbinden met het dagelijkse ritme. Juist in de gewone dingen ontstaat er ruimte om te ademen. Je hoeft het niet groots te maken, niet te ‘overwinnen.’ Het gewone leven is vaak het sterkste anker dat er is.
De dood niet schaakmat willen zetten
Tegelijkertijd vind ik het belangrijk om zogenoemde tegenzetten niet te gebruiken als een daad van verzet. Ik wil de dood niet als vijand zien, en proberen om hem schaakmat te zetten. Dat is volstrekt zinloos, want de dood wint uiteindelijk altijd.
Maar tegenzetten als een soort tegenwicht, ja, dat kan ik wel waarderen.
Zo koos de Amerikaanse rouwexpert David Kessler na het overlijden van zijn zoon en later zijn hond, erna een paar jaar voor om weer een hond in huis te nemen. Hij vond dat het na al het verlies tijd was voor een tegenbeweging: iets toevoegen.
Tot slot
Misschien herken jij je hierin. Misschien zijn jouw eigen tegenzetten heel anders — een wandeling met de hond, de planten water geven, iets koken, een kaars aansteken. Hoe klein ook — jouw eigen tegenzet mag precies zo zijn als jóu helpt. Soms is het er één per dag, soms geen. Dat is oké.
Deze aflevering kijken?
Je vindt deze aflevering van De Verwondering op de website van NPO.
Welke kleine handelingen helpen jou om de gewone dag weer op te pakken na verlies? Deel ze gerust hieronder, voor jezelf, of om anderen te inspireren.



Wij zijn al snel weer aan het werk gegaan. Niet gelijk hele dagen, maar een paar uur per dag. Na de crematie viel alles weg: eerst was het druk met dingen regelen en toen moest er opeens niks meer. We vlogen tegen de muren op! Ik heb mijn naaiwerk ook al snel weer opgepakt. Lezen of televisie kijken ging niet, daarvoor kon ik me niet genoeg concentreren, maar shirts naaien ging wel.
Eigenlijk het enige wat we wél zijn gaan doen, is wandelen. Dat deden we eerst niet en dat is na het overlijden van onze zoon ontstaan. Niet direct, maar in de maanden daarna.
Direct na het overlijden had ik al gelezen dat je het beste de gewone dingen weer kunt oppakken en dezelfde routines als daarvoor moet proberen te houden. Dat viel niet altijd mee, maar ik denk dat het ons wel geholpen heeft.
Doordat ik nog een heel gezin thuis had, ‘moest’ ik mijn gewone dingen wel weer doen en dat is goed geweest. Maar heel herkenbaar dat lezen niet ging. Ik heb toen een breiwerkje opgezet. Dan kun je zo heerlijk je gedachten laten gaan. En ik had van tevoren niet kunnen denken hoeveel gedachten er op een dag gewijd kunnen worden aan één kind. Hij was in die tijd eigenlijk nooit uit mijn gedachten. Na bijna 12 jaar is dat anders geworden en dat is ook weer goed. De mooie, wat weemoedige herinneringen blijven, maar vullen niet meer mijn dag.
Mijn dagelijkse routines erin houden. Wandelen (met Rosa) en fietsen, veel fietsen. En schrijven; lukraak wat er in me opkomt. Ik lees het niet terug.